Feyenoord – Celtic

Milaan, 6 mei 1970 (Finale Europacup I)

Op 6 mei 1970 kon Feyenoord voetbalgeschiedenis schrijven door als eerste Nederlandse club beslag te leggen op de Europacup. Het prestigieuze toernooi, 15 jaar eerder voor het eerst door de Franse sportkrant L’Equipe georganiseerd, was uitgegroeid tot het belangrijkste evenement voor clubteams. De tegenstander was het vermaarde Celtic uit Glasgow, de Europacupwinnaar van 1967.

Het team
Het Feyenoord dat aantrad tegen Celtic had deelname aan het Europacup toernooi afgedwongen in het seizoen 1968/69, toen de club voor de tweede keer in de geschiedenis de dubbel had weten te winnen. Er was weinig veranderd, Ernst Happels basisteam in het seizoen ’69/’70 week maar op drie posities af van het team waarmee zijn voorganger Ben Peeters het jaar ervoor speelde. De veteranen Cor Veldhoen en Eddy Pieters Graafland, die alle successen van de jaren zestig hadden meegemaakt, waren hun basisplaats kwijt geraakt. Op Veldhoens plek als linksback speelde nu ex-ajaxied Theo van Duivenbode en in het doel was Pieters Graafland vervangen door de 12 jaar jongere Eddy Treijtel. De meest in het oog springende mutatie ten opzichte van het vorige seizoen was echter de aanwezigheid van de technisch begaafde oostenrijker Franz Hasil op het middenveld.

De feyenoord selectie voor het seizoen 1969/1970

De feyenoord selectie voor het seizoen 1969/1970.
Staand: Piet Romeijn, Eddy Treijtel, Eddy Pieters Graafland, Cor Veldhoen, Wim Jansen, Rinus Israël, Guus Haak en Theo Laseroms. Zittend: Franz Hasil, Henk Wery, Theo van Duivenbode, Wim van Hanegem, Ove Kindvall, Ruud Geels en Coen Moulijn.

Happels Feyenoord speelde in een 4-3-3 formatie. Achterin stonden van rechts naar links: Piet Romeijn, Rinus Israel, Theo Laseroms en Theo van Duivenbode. Op het middenveld, de sterkste linie van het elftal, speelden Wim Jansen, Franz Hasil en Wim van Hanegem. Voorin, tot slot, waren Henk Wery, Ove Kindvall en Coen Moulijn Happels eerste keus. Over het algemeen week de Oostenrijker alleen bij blessures of schorsingen af van deze opstelling. Voor de finale in Milaan zou hij hierop echter een uitzondering maken, door Eddy Treijtel, die in de aanloop naar de wedstrijd in de Nederlandse competitie een onzekere indruk had gemaakt, te passeren ten faveure van de 36-jarige Pieters Graafland.

De weg naar de finale
Feyenoord nam niet voor het eerst deel aan een Europacuptoernooi. In 1963 haalde het al de halve finale, als eerste Nederlandse club, maar tegen echt gerenommeerde tegenstanders had het nog geen potten kunnen breken. Er was dan ook reden tot zorg toen de club al in de 2e ronde van het toernooi van ’69/’70 op AC Milan stuitte. Milan was de titelverdediger, het had in de finale van ’69 Ajax volkomen kansloos gelaten.

Toen Feyenoord in de eerste wedstrijd, uit in Milaan in november 1969, al na enkele minuten op achterstand kwam, zag het er slecht uit. Maar Feyenoord liet zich niet van de wijs brengen en bleef haar spel spelen. Hoewel het vele balbezit tegen de catenaccio spelende Italianen niet leidde tot de gelijkmaker, overheerste bij coach Happel na afloop de tevredenheid over het vertoonde spel. Zijn vertrouwen bleek niet zonder grond, want in de thuiswedstrijd was het Feyenoords beurt om binnen enkele minuten de leiding te nemen toen een bal van Wim Jansen, wellicht bedoeld als voorzet, over de Milan-keeper heen het doel in zeilde. Diep in de tweede helft volgde de verdiende tweede treffer, een kopbal van Wim van Hanegem, uit een voorzet van Coen Moulijn. Met de 2-0 einduitslag was bekerhouder AC Milan uitgeschakeld.

In de volgende ronde trof Feyenoord een stugge tegenstander in het Oost-Duitse Vorwarts Berlin. Op een nauwelijks bespeelbaar veld verloor Happels team in maart 1970 de eerste wedstrijd, uit in Berlijn, met 1-0. Piet Romeijn werd met een rode kaart het veld uit gestuurd. Wederom was er dus een achterstand goed te maken in de thuiswedstrijd en opnieuw lukte dat, zij het met moeite. Dankzij twee doelpunten in de tweede helft, van Kindvall en Wery, stootte Feyenoord door naar de halve finale. Daarin trof het in April nogmaals een tegenstander uit het Oostblok, Legia Warschau ditmaal. Ook in Polen was het veld nauwelijks bespeelbaar. De wedstrijd eindigde in een doelpuntloos gelijkspel, waardoor Feyenoord plots heel serieus uitzicht op de finale had. Voor de derde keer op rij won Feyenoord de thuiswedstrijd met 2-0, via doelpunten van Van Hanegem en Hasil (een schitterend afstandsschot). Feyenoord stond in de finale.

Supporters van Feyenoord en Celtic in Milaan

Supporters van Feyenoord en Celtic in Milaan.

De tegenstander
In de andere halve finale hadden twee Britse ploegen elkaar een plaats in de eindstrijd betwist, het Schotse Celtic Glasgow en het Engelse Leeds United. Celtic had beide wedstrijden gewonnen, uit met 1-0 en thuis met 2-1 (nadat het met 0-1 was achter gekomen), zodat het de Schotten waren die het in Milaan tegen Feyenoord zouden gaan opnemen.

Celtic gold, voorafgaand aan de finale, als favoriet en dat was niet zonder reden. De club uit Glasgow koppelde ervaring aan inzet en klasse. De mannen van de legendarische coach Jock Stein hadden het Schotse voetbal in een meedogenloze houdgreep. Ze waren dat seizoen hard op weg om voor de vijfde keer op rij het kampioenschap te winnen en bevonden zich daarmee in het midden van een zegereeks die uiteindelijk negen kampioenschappen op rij zou beslaan. Belangrijker nog, ze hadden de Europacup al een keer gewonnen, drie jaar eerder in Lissabon, als eerste Britse club.

De kern van het team dat in 1967 Inter Milaan had verslagen, de ‘Lisbon Lions’, was nog intact. Zeven van de elf spelers die in Milaan aan de aftrap verschenen, traden aan voor hun tweede Europacup-finale. Het ging om Billy McNeill, Tommy Gemmell, Bobby Murdock, Jimmy Johnstone, Willie Wallace, Bertie Auld en Bobby Lennox. Niets wees erop dat het team zwakker was dan drie jaar eerder. Sterker nog, de Corriere della Sera stelde in een voorbeschouwing vast dat Celtic nooit sterker was geweest dan op dat moment.

De Celtic selectie voor het seizoen 1969/70

De Celtic-selectie voor het seizoen 1969/70

De wedstrijd
Meer dan 20.000 Feyenoord-supporters, en minstens evenveel Schotse fans, hadden een plekje weten te bemachtigen in het met 53.000 toeschouwers volledig gevulde San Siro stadion. Ze zagen dat Celtic, zoals verwacht, stormachtig aan de wedstrijd begon. Hoewel Feyenoord gaandeweg meer en meer grip op de Schotten kreeg, leek Celtic in de twintigste minuut op voorsprong te komen. Het doelpunt werd echter afgekeurd door de Italiaanse scheidsrechter Lo Bello. Niet veel later was het alsnog raak. Uit een afgelegde vrije schop, scoorde Tommy Gemmell met één van de knallende afstandsschoten waarom hij gevreesd was. Binnen vijf minuten maakte Feyenoord de 1-1, toen de Schotten een bal van Hasil niet wisten weg te krijgen. Via enkele Feyenoord hoofden bereikte de bal Rinus Israël die trefzeker inkopte. Na dat doelpunt nam Feyenoord de wedstrijd stevig in handen en ging op zoek naar de 2-1. Een doelpunt bleef echter uit, ook in de tweede helft. In de verlenging was het nog altijd Feyenoord dat domineerde, maar ondanks een aantal behoorlijke kansen wist de ploeg niet te scoren. Het leek er eenvoudigweg niet in te zitten.

In de 117e minuut kwam de verdiende treffer dan toch. Met nog maar enkele minuten op de klok in de 2e verlenging, toen een replay nadrukkelijk dreigde, kreeg Rinus Israël een vrije trap. De aanvoerder nam hem zelf en koos voor een lange bal naar Kindvall, die precies op dat moment uit de rug van zijn tegenstander weg liep. Terwijl de bal door lucht vloog moet de Celtic verdediger zich hebben gerealiseerd dat hij een vergissing had gemaakt door Kindvall te laten gaan. De bal was te hoog voor hem om weg te koppen en dus probeerde hij, achterovervallend, de bal dan maar met de handen te stoppen. Hij toucheerde de bal, een penalty dus, maar gefloten werd er niet. De Celtic verdediger had de bal namelijk wel geraakt, maar niet genoeg om hem tegen te houden, zodat het leer alsnog bij Kindvall terecht kwam en scheidsrechter Lo Bello voordeel besloot te geven. De Zweedse spits twijfelde niet en werkte de bal, die nog een moeilijke stuit maakte, met een effectief lobje over de Schotse doelman.

Uiteraard bleek het de winnende treffer te zijn. Feyenoord was kampioen van Europa en aanvoerder Rinus Israël mocht de Europacup in ontvangst nemen. Het grootste succes uit de clubgeschiedenis was een feit.

Coen Moulijn met de Europacup

Coen Moulijn houdt de Europacup omhoog

Feest in Rotterdam
In Nederland werden de helden van Milaan de volgende dag groots onthaald. Het vliegtuig met Feyenoord aan boord zou op Zestienhoven landen, maar daar hadden zich duizenden supporters verzameld. Het vliegveld was veranderd in een zee van in rood-witte clubkleuren gehulde Feyenoord-fans. Er werd daarom besloten uit te wijken naar Schiphol. Toen dat bekend werd, stroomde het vliegveld leeg en haastte de massa zich naar Rotterdam of naar de rijksweg in de hoop een glimp van de teambus op te vangen. Het vliegtuig keerde daarop om en landde alsnog op Zestienhoven.

Deels via een sluipweg werd de teambus naar het stadhuis van Rotterdam geloodst. Naar de achteringang welteverstaan, want voor het gebouw hadden zich honderdduizenden supporters verzameld, een ongekende mensenmassa, wachtend op het moment dat het team op het balkon zou verschijnen. Uiteraard werden ze niet teleurgesteld. Na het officiële ontvangst door de burgemeester van Rotterdam, betrad het team het balkon om de beker onder een daverende gejuich aan de verzamelde massa te tonen. Feyenoord had Nederland de eerste internationale voetbaltrofee in haar geschiedenis geschonken.

Met de cup op het balkon van het stadhuis

Met de cup op het balkon van het stadhuis

Feyenoord 2-1 Celtic (na verlenging)
28´   0-1  Gemmell
32´   1-1  Israël
117´ 2-0  Kindvall

Toeschouwers: 53.000
Scheidrechter: Concetto Lo Bello

Feyenoord: Eddy Pieters Graafland; Piet Romeijn (107′, Guus Haak), Rinus Israël (c), Theo Laseroms, Theo van Duivenbode; Wim Jansen, Franz Hasil, Wim van Hanegem; Henk Wery, Ove Kindvall, Coen Moulijn.

Celtic: Evan Williams; David Hay (c), Jim Brogan, Billy McNeill, Tommy Gemmell; Bobby Murdoch, Bertie Auld (77′ George Connelly), John Hughes; Jimmy Johnstone, Willy Wallace, Bobby Lennox.

Bronnen: Feyenoord Compleet, Voetbal International, NRC, Algemeen Dagblad.

Links: Feyenoord HVH, Voetbalstats, Krantekoppen