MVV – Feyenoord

(Maastricht, 25 mei 1993)

Met nog twee wedstrijden te gaan, lag eind mei 1993 de weg naar het eerste kampioenschap in negen jaar voor Feyenoord open. Coach Willem van Hanegem en zijn mannen moesten nog op bezoek bij MVV en FC Groningen. De opgave was duidelijk: twee wedstrijden, twee keer winnen. Helaas was de wedstrijd in Limburg allesbehalve een formaliteit. MVV knokte voor zijn laatste kans om zich te kwalificeren voor Europees voetbal. Mocht Feyenoord in Maastricht verliezen, dan zouden de kansen in de competitie weer ten gunste van PSV keren.

Het team
Feyenoord speelde dat seizoen in een klassieke 4-3-3 opstelling. In het doel stond Ed de Goey, die zich definitief had gevestigd als topkeeper. Voor hem stond niet meer het granieten duo John de Wolf en Henk Fräser. Van Hanegem had in Fraser een middenvelder ontdekt en had John Metgod naar het centrum van de verdediging gehaald, waar die in de twee seizoenen ervoor vaak als libero kort voor De Wolf en Fräser had gespeeld. Die positie was echter komen te vervallen onder Van Hanegem. Op de rechtsback positie speelde Arnold Scholten, behalve wanneer hij nodig was op het middenveld of geblesseerd was, dan nam Ulrich van Gobbel voor hem waar. Op de andere flank wisselden Ruud Heus en nieuwkomer Errol Refos elkaar af.

De feyenoordselectie voor het seizoen 1992/1993

De feyenoordselectie voor het seizoen 1992/1993

Op het middenveld waren Peter Bosz en Rob Witschge vaste waarden. Tussen hen in speelden Henk Fraser, Scholten of Dean Gorre. Voorin waren de vleugelspitsen Gaston Taument en Regi Blinker onomstreden, maar voor de positie van centrumspits woedde dat jaar een felle concurrentiestrijd tussen Mike Obiku, Joszef Kiprich en de in de winterstop aangetrokken John van Loen. Kiprich, die bezig was aan zijn beste seizoen voor de club en uiteindelijk het respectabele aantal van achttien doelpunten zou produceren, trok in die strijd aan het langste eind.

De weg naar Maastricht
Feyenoord had de voorgaande twee seizoenen de KNVB-beker gewonnen en was daarmee uit het diepe dal gekropen waarin het aan het eind van de jaren tachtig terecht was gekomen. Dat was gebeurt onder leiding van Wim Jansen met een elftal dat steunde op een ijzersterke verdediging en een behoudend ingesteld middenveld. Voor het seizoen 1992/93 was Willem van Hanegem aangetrokken als coach. Hij had zich voorgenomen een meer aanvallende speelwijze te introduceren en dat had niet altijd het gewenste resultaat opgeleverd. Het was een seizoen met ups en downs geworden. Feyenoord scoorde meer dan het jaar ervoor, maar kreeg ook meer doelpunten tegen. Mooie overwinningen waren afgewisseld met een aantal pijnlijke nederlagen.

Feyenoord had koploper en verdedigend kampioen PSV echter steeds in zicht weten te houden. Ook toen het seizoen de eindfase in ging, mocht er nog gedroomd worden van een kampioenschap, zeker aangezien PSV dat jaar niet onoverwinnelijk was gebleken. Begin mei leek het doek echter toch te vallen voor Van Hanegem en de zijnen. Een nederlaag in Amsterdam en een gelijkspel in Nijmegen, tegen Vitesse, betekenden dat PSV uit de laatste drie wedstrijden vier punten moest halen om het kampioenschap binnen te slepen. In de laatste thuiswedstrijd van het seizoen, op zaterdag 22 mei tegen Willem II, herpakte Feyenoord zich en won met 3-0. Een dag later bleek dat die overwinning niet alleen maar een mooi afscheid van het thuispubliek was. Want nadat het eerder die week al een punt had gemorst uit tegen Dordrecht ’90, werd PSV met 1-0 verslagen door Vitesse. Het doelpunt kwam tot stand toen PSV doelman Hans van Breukelen zich verhapte in een afstandschot van Edward Sturing.

Zo was die zondag plots alles anders. PSV resteerde nu nog één wedstrijd, op 2e pinksterdag thuis tegen Volendam. Feyenoord, dat één punt achter stond, had er nog twee te gaan: tegen Groningen, eveneens op 2e pinksterdag en daarvoor, die dinsdagavond, uit tegen MVV. Feyenoord had het lot volledig in eigen handen, twee overwinningen betekenden een kampioenschap.

De tegenstander
MVV bracht dat jaar een goed elftal in het veld. De club beschikte over begaafde spelers als Hans Visser, Roberto Lanckohr en Twan Scheepers, en in het doel stond de ervaren goalie Jan van Grinsven. Absolute vedette van de Limburgers was echter spits Erik Meijer, die in maart zijn debuut in het Nederlands elftal had gemaakt. MVV deed, zoals gezegd, nog volop mee in de strijd om Europees voetbal, maar kon zich geen puntverlies meer veroorloven. Net zoals dat bij Feyenoord het geval was, moesten de laatste twee wedstrijden absoluut gewonnen worden. Als dat zou lukken was kwalificatie voor UEFA-Cup voetbal verzekerd, een unieke prestatie in de clubgeschiedenis. Alle reden dus, voor de mannen van de sympathieke trainer Sef Vergoosen, om er in de ontmoeting met Feyenoord vol tegen aan te gaan.

Feyenoord - MVV (November '92)

Feyenoord – MVV (November ’92):
Erik Meijer op weg naar de 0-1

Dat Feyenoord sowieso geen enkele reden kon hebben om MVV te onderschatten, wordt geïllustreerd door de uitslag van de thuiswedstrijd, die in november was gespeeld. Feyenoord was in die wedstrijd met 3-4 het schip in gegaan tegen de limburgers. Erik Meijer, Twan Scheepers en Hans Visser (2x) hadden de doelpunten voor hun rekening genomen. Dat was voor Feyenoord nota bene de tweede thuisnederlaag tegen MVV op rij, want een seizoen eerder was er ook al van de ploeg uit Maastricht verloren in eigen huis, toen met 0-1.

De wedstrijd
Feyenoord werd die dinsdagavond in Maastricht gesteund door duizenden supporters. Fans die niet tot de gelukkigen behoorden, hoefden niet te treuren. De NOS had besloten om de wedstrijd rechtstreeks uit te zenden. Dat in die tijd een live-registratie van een competitiewedstrijd nog iets opmerkelijks was, mag blijken uit het feit dat het de eerste keer ooit was, dat een wedstrijd van MVV rechtstreeks werd uitgezonden. Grote afwezige namens Feyenoord was Henk Fräser, die in maart tijdens de bekerwedstrijd tegen FC Zwolle zijn rechterbeen had gebroken en zijn enkelbanden gescheurd. Kiprich (griep) en Bosz (liesproblemen), die beiden de laatste training hadden overgeslagen, waren wel fit genoeg om in Maastricht te spelen.

Het werd, zoals verwacht, een zinderende wedstrijd, waarin beide ploegen vochten voor elke meter. Feyenoord kreeg de beste kansen, maar De Wolf en Kiprich verzuimden de openingstreffer te scoren. Halverwege de eerste helft kreeg het elftal bijna de rekening gepresenteerd voor het gebrek aan trefzekerheid. Meijer ontsnapte na een goede pass van Visser aan de Feyenoord verdediging en leek op weg naar de 1-0. Van Gobbel, op volle snelheid in de achtervolging, besloot aan de noodrem te trekken. Met een sliding van achter bracht hij Meijer ten val, in het strafschopgebied. Scheidsrechter Dick Jol floot, MVV kreeg een strafschop. Er viel weinig tegen in te brengen. Van Gobbel na afloop: “Het was er ook één. Die Meijer ging er vandoor en dan kan je twee dingen doen: hem laten gaan, of een overtreding maken.” Hij kwam feitelijk nog goed weg. Jol had rood kunnen geven, erkende Van Gobbel na afloop, maar hield het bij geel.

De droom van het eerste kampioenschap in bijna 10 jaar leek plots precies dat: een droom. Maar MVV’er Lanckohr mikte het leer op de paal. De bal sprong terug het veld in, maar ook de rebound werd gemist. De Feyenoord-fans konden weer ademhalen, het stond nog steeds 0-0. Het missen van de penalty maakte het voor MVV extra wrang dat Van Gobbel geen rode kaart had gekregen. Op slag van rust was het echter Feyenoord dat reden tot klagen had over het fluiten van Jol, toen Kiprich in het strafschopgebied werd neergelegd door Van Grinsven, maar Jol het incident wegwuifde. Een goedmakertje wellicht.

John de Wolf in duel met Erik Meijer

John de Wolf vecht een duel uit met Erik Meijer

Waar de ploegen in de eerste helft aan elkaar gewaagd waren, was het spelbeeld in de tweede helft heel anders. Feyenoord domineerde de wedstrijd en kwam al twee minuten na rust op voorsprong, met dank aan Kiprich. De Tovenaar van Tatabanya maakte zijn bijnaam die avond volledig waar. Want toen hij op de rand van het strafschopgebied de bal ontving van Taument, slalomde de Hongaar met een schitterende sleepbeweging tussen twee MVV-verdedigers door en verscheen schuin voor het doel van Jan van Grinsven. Het was geen gemakkelijke hoek, maar Kiprich maakte het beheerst af. Hij had geen beter moment kunnen kiezen om, met één van de mooiste doelpunten uit zijn carrière, zijn klasse als spits te tonen.

MVV moest daarna komen, maar slaagde er niet in het heft in handen te nemen. Feyenoord controleerde de wedstrijd en hield de tegenstander ver van het eigen doel. Verder dan een afstandschot van Visser en een bal voorlangs van Joordens kwamen de Maastrichtenaren niet. De beste kansen waren voor Feyenoord, maar Taument, Blinker, Obiku en Van Loen slaagden er geen van allen in de sterk keepende Van Grinsven te passeren. Omdat de bevrijdende tweede treffer maar niet wilde vallen, bleef de wedstrijd spannend tot het eind. Vooral in de zes minuten blessuretijd die Jol bijtrok was het alle hens aan dek voor Feyenoord. Scholten, De Goey en invaller Obiku incasseerden alledrie geel in die fase. Maar diep in de extra tijd scoorde Regi Blinker, een dag eerder door Radio Rijnmond uitgeroepen tot speler van het seizoen, dan toch de beslissende tweede treffer voor Feyenoord. De wedstijd was gewonnen.

Vreugde na de 0-2 overwinning in Maastricht

Vreugde na de 0-2 overwinning in Maastricht

Wij worden kampioen…
De stemming in de Feyenoord kleedkamer was na afloop uitbundig. Het Hand in Hand werd door de spelers gezongen en de yell We worden kampioen werd geschreeuwd. Voor het eerst dat seizoen stond Feyenoord op de eerste plek van de ranglijst en de Feyenoorders beseften maar al te goed dat, met de 0-2 overwinning op MVV, de belangrijkste horde op weg naar het kampioenschap genomen was. John de Wolf: “We zijn er nog niet, maar met dit elftal kan het niet meer fout gaan.”

Dat de moeilijkste horde inderdaad genomen was, bleek iets minder dan een week later in Groningen. Waar MVV zelf nog iets te winnen had, speelde FC Groningen, dat veilig in de middenmoot stond, alleen nog voor de sportieve eer. Echt veel werd Feyenoord dan ook niet in de weg gelegd. Net als bijna heel Nederland, leken trainer Leen Looyen en zijn mannen Feyenoord de titel wel te gunnen. Zo werd de kampioenswedstrijd geen voetbalgevecht, maar een galavertoning waarin Feyenoord de duizenden meegereisde supporters en de tienduizenden die de wedstrijd in De Kuip live op grote schermen volgden, trakteerde op vijf doelpunten. Een negentig minuten lange ereronde.

Bevochten had de ploeg het kampioenschap al eerder, op een dinsdagavond in Maastricht.


MVV 2-1 Feyenoord
47´   0-1  Kiprich
90´   0-2  Blinker

Toeschouwers: 11.432
Scheidsrechter: Dick Jol
Geel: Van Gobbel, Bosz, Scholten, Obiku, De Goey

MVV: Van Grinsven; Joordens, Benneker, Reijnders, Hofman (76´ Maes); Delahaye, Lanckohr, Visser, Dikstaal (64´ Libregts); Scheepers, Meijer

Feyenoord: De Goey; Van Gobbel, De Wolf, Metgod, Refos; Scholten, Bosz, Witschge; Taument (88´ Obiku), Kiprich (68´ Van Loen), Blinker.

Bronnen: Jaarboek Feyenoord 1992/1993, Rotterdams Dagblad, Algemeen Dagblad, De Telegraaf.